“I was discharged when I started wearing lipstick again” | Over de notie van normaliteit in het werk van Javier Téllez

door Jasmien Hoffelinck

De films van Javier Téllez bevragen de noties van normaliteit. De hoofdrollen zijn weggelegd voor ‘patiënten’ en ‘outsiders’. Zo worden we geconfronteerd met de verwachtingspatronen binnen onze samenleving, meer bepaald met de verwachtingen over wat ‘normaal’ is en wat niet.

Javier Tellez_La Passion de Jeanne d'Arc (Rozelle Hospital, Sydney), 2004

Twaalf vrouwelijke patiënten van het psychiatrisch ziekenhuis Rozelle in Sydney maken deel uit van de video-installatie ‘La Passion de Jeanne d’Arc’ (2004). Deze stille film van Carl Th. Dreyer uit 1928 werd voorzien van nieuwe tussentitels die het verhaal volledig transformeren: Jeanne d’Arc wordt patiënt en de rechtszaakscène wordt een toelatingsprocedure in de psychiatrische instelling. Tegenover dit beeld worden we geconfronteerd met getuigenissen van de twaalf vrouwen over hun ervaringen met de geestesziekenzorg. Een van die getuigenissen wijst ons op de sociale verwachting van het gelukkig zijn: “In Australia it is an imperative to be happy. (…) For some reason I was expected to be happy.”

We leven in een maatschappij waarbinnen geluk het hoogste goed is. We moeten continu genieten. Zo niet, val je uit de boot. Gelukkig zijn is verworden tot een noodzaak om als normaal te worden beschouwd. De vrouw in de film wijst verder ook op uiterlijke kenmerken van dat normale gelukkige vertoon: “I was discharged when I started wearing lipstick again. (…) Don’t let them see you cry.”

Javier Tellez_Caligari und der Schlafwandler

De nieuwe tussentitels die gemonteerd werden in Téllez’ versie van de film van Dreyer zijn geschreven op schoolborden. Het is een motief dat terugkeert in ‘Caligari and the Sleepwalker’ (2008). De communicatie tussen Dr. Caligari en zijn patiënt, de slaapwandelaar, verloopt immers via dergelijke borden. Opnieuw vormt een stille film het vertrekpunt voor Téllez. Maar naast de avant-garde film van Robert Wiene, vormt een ander expressionistisch sleutelwerk ook een aanleiding: de Einsteintoren van Mendelsohn. Opnieuw wordt het verhaal getransformeerd door patiënten uit een psychiatrische instelling (hier de Vivantes Klinik, Berlijn). Met de sterrenwacht als decor kwam de inspiratie om de slaapwandelaar uit ‘Das Cabinet des Dr. Caligari’ te transformeren tot een buitenaards wezen en werd Caligari een wetenschapper die het bestaan ervan tracht te bewijzen. Interessant is dat de acteurs/patiënten tegelijkertijd als toeschouwers verschijnen en hun commentaren op de film als voice-overs werden toegevoegd. Eén welbepaalde reactie brengt ons opnieuw bij de notie van normaliteit wanneer deze stelt dat “we iemand als normaal/abnormaal bestempelen in hoeverre hij/zij aansluit bij ons eigen idee van (ab)normaliteit”. Normaliteit wordt hier aangehaald als een subjectief gegeven, gebaseerd op onze persoonlijke waarneming van wat als normaal kan worden beschouwd.

Javier Tellez, O Rinoceronte de Dürer (Dürer's Rhinoceros), 2010_2

In ‘Dürer’s Rhinoceros’ (2010) confronteert Téllez de toeschouwer nog op een andere manier met subjectieve waarneming. Setting is het panopticum van het Miguel Bombarda Hospitaal (Lissabon), ontworpen volgens de plannen van Jeremy Bentham (in gebruik van 1896 tot 2000). De planindeling vertaalt zich in een cirkelvormige opzet met afzonderlijke cellen waarbinnen een centrale toren of controlekamer fungeert als ‘bewaker’. Op die manier kunnen alle cellen tegelijkertijd in de gaten worden gehouden. Langs deze cellen wordt een opgezette neushoorn rondgereden. Dit is een verwijzing naar de zestiende-eeuwse houtsnede die Dürer maakte van de eerste neushoorn, Ganda, die ooit Europa bezocht. Tegelijkertijd horen we citaten uit de ‘Grot van Plato’ die hetgeen we te zien krijgen verbindt. De patiënten in de cellen kunnen worden gelijkgesteld aan de gevangenen in de grot. Deze gevangenen krijgen alleen maar kopieën (schaduwen) te zien van de ideale vormen die aanwezig zijn in de perfecte wereld. Er is bijgevolg sprake van een andere waarneming of beleving van de realiteit. De neushoorn die wordt rondgetrokken langs de cellen herinnert zo aan de objecten die worden rondgedragen op de hoofden van de mensen uit de perfecte wereld.

Javier Tellez_Letter on the Blind, For the Use of Those Who See, 2007

Een andere beleving van de realiteit keert terug in ‘Letter on the Blind, for the Use of Those who See’ (2007), waarvoor Téllez niet werkt met patiënten maar met blinden. Dit werk werd geïnspireerd op een Indische parabel waarbij zes blinden die nog nooit een olifant zagen werden uitgenodigd om het dier aan te raken en te beschrijven. Téllez bracht zes blinde personen en een olifant samen in een leeg zwembad in Brooklyn. De commentaren van de blinde personen tijdens het aanraken van de olifant, drukken uit hoe zij de realiteit verschillend ervaren. De realiteit wordt subjectief gevormd op basis van onze eigen waarnemingen. Ook de titel refereert hiernaar. Hij is afkomstig van Diderot’s werk ‘Lettre sur les aveugles à l’usage de ceux qui voient’ uit 1749. In dit werk reflecteerde Diderot over de relatie tussen de rede en de kennis, verkregen via onze zintuiglijke waarneming.

De persoonlijke of subjectieve waarneming van de werkelijkheid verschijnt zo als een centraal gegeven in het werk van Téllez. Die subjectieve waarneming wordt te meer gekoppeld aan de notie van het ‘normale’ en de verwachtingen daaromtrent. Hetzij de verwachtingen van de maatschappij, hetzij die van een individu. Wie bepaalt de normen van het normale? Wanneer de werkelijkheid niet objectief is, hoe kan normaliteit dat dan zijn? Dergelijke vragen komen scherp in deze overzichtstentoonstelling aan bod.

De tentoonstelling ‘Javier Téllez | Praise of Folly’ loopt nog tot 26.01.2014 in S.M.A.K.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *