Via een klapdeur naar het ‘Museum for a Small City’ van Richard Venlet

door Pieter-Jan Cierkens

“To enter the museum one has to open the door.” Dit was de slotzin van de begeleidende nota van het project van architectenbureau Office voor een museum voor hedendaagse kunst uit 2004. Negen jaar later rakelden architecten Kersten Geers en Jan De Vylder deze bewering weer op als titel voor hun lezing in het kader van ‘Museum for a Small City’. En inderdaad, om Richard Venlets tentoonstelling te betreden, dien je – merkwaardig genoeg – een deur te openen. Een klapdeur nog wel, waarin langwerpige ramen aangebracht zijn.

foto 3

Binnen in de zaal doet een verhoogde vloer, afgewerkt in zacht vilt, dienst als fysiek platform voor Venlets project. De modulaire tegels bevinden zich middenin de opengewerkte tentoonstellingszaal en bakenen een ruimte af voor expositie, maar evenzeer voor discussie. Wat de bezoeker precies aantreft op het platform is tijdsafhankelijk, aangezien de opstelling op regelmatige basis gewijzigd wordt. Zeker is wel dat het telkens een configuratie is van objecten afkomstig uit de S.M.A.K.-archieven. Venlet presenteert dus geen eigen werk, maar creëert een setting waarbinnen hij aan de slag gaat met bestaande kunstwerken. Op die manier weet hij een positie te veroveren tussen die van de kunstenaar en de curator in. Van elk gepresenteerd werk wordt een beschrijvende fiche opgehangen met daarop de elementaire informatie. Het is aan de bezoeker om de beweegredenen achter de specifieke compositie en de eventuele onderlinge verbanden af te leiden.

De aandacht voor het architecturale aspect was in Venlets oeuvre altijd aanwezig en neemt de laatste jaren resoluut de bovenhand. Het kunstwerk als tentoonstellingsmiddel of presentatiekader is tot een centraal thema geëvolueerd. Voor ‘Museum for a Small City’ voert Venlet dan ook enkele architecturale ingrepen uit op de tentoonstellingsruimtes. Een eerste evidente ingreep is het plaatsen van de verhoogde vloer. Hierdoor ontstaan twee nieuwe ruimtes, enerzijds het platform zelf en anderzijds de ruimte er rond, begrensd door het platform en de muren van de zaal. De verhoogde vloer is de setting voor de tentoonstellingsconfiguraties, een plek voor experiment met compositie, relevantie en in het bijzonder presentatie. De restruimte wordt daarentegen enkel gebruikt om de beschrijvende fiches op te hangen. Ze vormt een neutrale leegte rondom het sterk geladen platform.

Richard Venlet

Venlet bewerkt echter ook de bestaande architectuur van de tentoonstellingszaal. Zo kiest hij er voor om de doorgang naar de achterliggende museale ruimtes af te sluiten. Het ‘doorganggevoel’ verdwijnt en de zaal van ‘Museum for a Small City’ wordt een eindpunt, een bestemming. Ook de bewuste klapdeur aan de ingang van de zaal, valt in deze logica te interpreteren. Allereerst is de deur eveneens een middel om de zaal af te sluiten van de andere museale ruimtes. Binnen de zaal gelden andere regels dan erbuiten, en daar horen blijkbaar fysieke barrières bij. Het toevoegen van de klapdeur is een manier om met het project een ander statuut op te eisen dan dat van de ‘tentoonstelling’, en dus een claim te leggen op het statuut van het ‘museum’. Het project werkt zo als een – zelfverklaard – museum binnen het museum.

De deur doet echter meer dan enkel de zaal afschermen. Midden in de witgeschilderde deurpanelen is er telkens een langwerpig raam verwerkt. Deze ramen zijn de enige link met de buitenwereld voor de bezoeker en zorgen er eveneens voor dat de ‘buitenstaander’ een blik kan werpen in de zaal. De ramen maken dat het project zijn noodzakelijke context behoudt. Het betreft echter nog steeds een museum ‘for a Small City’ en geen abstracte denkoefening.

Tegelijk kunnen de klapdeuren als concrete vertalingen van ‘transparantie’ gelezen worden. Deze openheid naar het publiek is eveneens een basisconcept dat vooral in de lezingensessies, parallel aan de tentoonstelling, wordt uitgewerkt. ‘Museum for a Small City’ bevraagt dus – van binnen uit – de werking van het museale instituut op een zeer concrete wijze. Wanneer wordt een tentoonstelling een museum? Hoe wordt er omgesprongen met (vaste) collecties? Waar begint en eindigt de taak van de kunstenaar en die van de curator? Kunnen en mogen kunstwerken op een alternatieve wijze getoond worden dan die waarvoor ze initieel bedacht waren? Het format van ‘Museum for a Small City’ maakt dat deze vragen op een duale manier behandeld worden. Zowel als concreet vormexperiment, door middel van de opstelling, als op abstract niveau, aan de hand van de lezingensessies.

foto 2

Een intrigerende aspect is ten slotte de keuze voor een klapdeur. Waarom geen gewone scharnierende deur? Venlet gebruikte een dergelijke deur al eerder in zijn openluchtkamer op de Monnikenheide in Zoersel, met als motivatie dat zo’n deur “door vanzelf weer dicht te gaan de basisconfiguratie herstelt”. Ze wist met andere woorden alle sporen van gebruik uit en herstelt de sereniteit van de oorspronkelijke opstelling. Zo zou men ook de wisselwerking tussen de twee besproken aspecten in Venlets tentoonstelling – enerzijds de opstelling en anderzijds de lezingensessies – kunnen benaderen. Elke sessie werkt als het open- en dichtgaan van de klapdeur. Zoals het opengaan van de deur publieke interactie veronderstelt, zo genereert elke lezingensessie op korte tijd heel wat reflectie en mentale input. Nadien trekt het hele gebeuren zich terug en wordt de tentoonstelling teruggeworpen op haar interne logica, net zoals de deur zichzelf weer sluit en het muurvlak vervolmaakt. Aan een gesloten klapdeur kan je echter niet afleiden of ze al dan niet gebruikt is. De veranderende opstellingen van Venlet daarentegen demonstreren dat de inwendige logica van de tentoonstelling wel degelijk onderhevig is aan input van buitenaf.

‘Museum for a Small City | The S.M.A.K. collection presented, (re)-viewed and (re)-visited | Een tentoonstelling door Richard Venlet’ loopt nog tot 26.01.2014 in S.M.A.K.

One Reply to “Via een klapdeur naar het ‘Museum for a Small City’ van Richard Venlet”

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *