Uitgelicht | ENSEMBLEMATIC ‘Le Pense-Bête’ van Marcel Broodthaers

De collectie van S.M.A.K. in woord en beeld

door Inge Van Reeth

In 1964 transformeerde de dichter Broodthaers zijn poëziebundel Pense- Bête tot wat hij zelf zijn eerste ‘proposition artistique’ noemde. Dit werk zou meteen het symbolische begin van zijn beeldend kunstenaarschap zijn. De kunstenaar zette 44 exemplaren van zijn gelijknamige, nooit verkocht geraakte dichtbundel voor de helft vast in gips. Het opengescheurde pakpapier laat aan de bovenkant van de ‘sculptuur’ de boekenruggen zien, de onderkant zit onder het gips verstopt. De dichtbundel kan niet gelezen worden zonder het plastische aspect ervan te vernielen. Tot verbazing van de kunstenaar was niemand geïnteresseerd in de inhoud van de dichtbundels. Continue reading “Uitgelicht | ENSEMBLEMATIC ‘Le Pense-Bête’ van Marcel Broodthaers”

Uitgelicht | ‘Aan-één’ (2009) van Berlinde De Bruyckere

Onlangs breidde S.M.A.K. haar collectie met ‘Aan-één’ (2009) van Berlinde De Bruyckere uit. Deze recente aankoop is momenteel in het museum te zien. S.M.A.K. was bijzonder verheugd toen officieel werd bekendgemaakt dat Berlinde De Bruyckere als enige Belgische kunstenaar ons land mag vertegenwoordigen op de Biënnale van Venetië in 2013 en wenst haar alvast veel succes toe.

Omdat wij het voordien misten

door Geert Jan Beeckman

Berlinde De Bruyckere (°1964, Gent) is een Belgische kunstenares, bekend voor haar installaties en beeldhouwwerken. De thema’s in haar werk zijn liefde en verlies, leven en dood, eenzaamheid en vergankelijkheid, lust en troost. In haar kunst verwerkt ze de deformatie van het lichaam. Ze hanteert een expressieve beeldtaal waarmee ze de kijker wil beroeren. Haar inspiratie put ze uit verschillende disciplines en oude meesters om tot een eigen stem binnen de actuele kunst te komen. Recent kocht S.M.A.K. van haar een werk uit 2009, momenteel opgesteld onder de titel ‘Aan-één’. Mijn bezoek aan dit werk van De Bruyckere bracht mij het volgende persoonlijke verslag op.

Een eerste blik.

Het werk komt het oog binnen langs de poëzie van het monumentale. Je ziet een kast op de rug, een ‘grootse’ kast die wordt geschraagd door het ‘wankele’ van het bestaan. Gericht op de eerste blik van de bezoeker heeft de wil van de kunstenares je al meteen vast. Want je zal kijken hoe je anders kan kijken, je zal rondgaan naar de ziel van het bedoelde, je zal gaan zien dat alles in de zaal vasthangt aan de taal van misschien wel een vreemde droom. Intrigerend is het minste wat je kan zeggen. En dan sta je nog maar aan het begin. Continue reading “Uitgelicht | ‘Aan-één’ (2009) van Berlinde De Bruyckere”

Uitgelicht | ‘Grenier 14’ van Raoul De Keyser

De collectie van S.M.A.K. in woord en beeld.

door Björn Scherlippens

Van de schilder Raoul De Keyser bezit S.M.A.K. meer dan vijftien werken. Samen overspannen zij ongeveer drie decennia uit zijn carrière en verlenen ze inzicht in de evolutie die de kunstenaar op het gebied van stijl en beeldtaal doorgemaakt heeft. De vroegste doeken in de collectie, waaronder Kraantje en tuinslang 1965 (1965) en Camping II (1969), tonen dat De Keyser aanvankelijk nauw bij de popart aanleunde en dat hij vanuit deze  positie de dagelijkse realiteit een iconisch uiterlijk meegaf. In latere werken, zoals Zonder titel (1973) en Krijthoek 190° (1977), ging de kunstenaar een geheel eigen richting uit: hierbij schematiseerde hij de werkelijkheid zodanig dat ze haast als een abstract patroon van lijnen en kleurvlakken op het canvas verscheen.

Het schilderij Grenier 14 (1992) stamt uit De Keysers rijpe periode en is binnen de S.M.A.K.-verzameling een van de recentste werken van zijn hand.  Zoals de titel suggereert, maakt het deel uit van een serie, die de kunstenaar schiep op basis van wat hij vanuit zijn zolderraam zag (‘grenier’ is het  Franse woord voor zolder). In Grenier 14 stelde hij de kruin van een boom voor, op een wijze die zich terzelfder tijd laat aanschouwen als een figuratief  beeld en een abstract geheel. Specifiek vatte De Keyser dit werk op als een  hommage aan de Nederlandse schilder Piet Mondriaan, die in Avond, rode  boom (1908) de natuur stileerde tot een harmonisch spel van kleuren, lijnen en vormen.

Continue reading “Uitgelicht | ‘Grenier 14’ van Raoul De Keyser”

ENSEMBLEMATIC | ‘Panem et circenses I’ van Wim Delvoye

In de tentoonstelling ENSEMBLEMATIC presenteert S.M.A.K. enkele van de opvallendste ensembles uit zijn collectie.

door Björn Scherlippens

Wim Delvoye bekleedt schoppen en strijkplanken met heraldische motieven, tatoeëert varkens met Harley Davidson-logo’s, beschildert butagasflessen met Delfts blauwe windmolens… en stelt deze artefacten tentoon op prestigieuze kunstmanifestaties. Hij zit niet om een controverse of een dubbelzinnigheid verlegen en combineert met zichtbaar plezier – maar tegelijk met grote ernst en finesse in de uitvoering – voorwerpen, materialen en motieven die elkaar afstoten. Hij koppelt wringende werelden van hoge en lage cultuur, van kitsch en kunst en van goede smaak en wansmaak. Hij wil de grenzen tussen deze werelden in een (kunst)voorwerp opheffen en zo het in onze ervaring vastgeroeste ding laten verdwijnen. ‘Ik vecht tegen het object, ik wil het ridiculiseren… het ontkleden’, zegt hij strijdlustig.

In zijn reeks Voetbalgoals uit 1990, waartoe Panem et circenses I behoort, is aan deze vernietigingsdrang heel ‘voelbaar’ gestalte gegeven. De doelen zijn, op hun stalen raamwerk na, geheel in glas-in-loodramen uitgevoerd. Continue reading “ENSEMBLEMATIC | ‘Panem et circenses I’ van Wim Delvoye”

Uitgelicht | ‘Art must be Beautiful, Artist must be Beautiful’ van Marina Abramović

De collectie van S.M.A.K. in woord en beeld

Als performancekunstenares onderzoekt Marina Abramović de menselijke fysieke en mentale grenzen. ‘Art must be Beautiful, Artist must be Beautiful’ is een typisch voorbeeld van Abramović’ vroege performances. Het werk gaat niet zozeer over lichamelijke pijn, dan wel over de bevrijde mentale staat die via pijn kan bereikt worden. In de videoregistratie van deze performance zien we Abramović agressief, haast hysterisch, haar lange haren borstelen, terwijl ze de mantra “Art must be Beautiful, Artist must be Beautiful” opdreunt.

Dit werk is momenteel te zien in de Collectiepresentatie Video, tot 02.09.2012 in S.M.A.K. Continue reading “Uitgelicht | ‘Art must be Beautiful, Artist must be Beautiful’ van Marina Abramović”

Uitgelicht | ‘De man die de wolken meet’ van Jan Fabre

De collectie van S.M.A.K. in woord en beeld

door Inge Braeckman

Jan Fabre is een uiterst veelzijdig kunstenaar die niet onder één noemer te vatten is. Sinds 1976 houdt hij zich bezig met de verschillende disciplines in de beeldende kunst, maar ook met theater, ballet, film en video. In zijn eerste theaterteksten en in zijn eerste performances stond het gedisciplineerde lichaam centraal. Vanaf 1980 begon hij te regisseren. In de daaropvolgende producties lag de nadruk op het extatische lichaam. In 1981 liet hij zich drie dagen opsluiten en bekraste hij de ruimte met een blauwe balpen, een bic, die zijn signatuur is geworden. Op dat moment was de bic-art geboren.

De sculptuur De man die de wolken meet is een metafoor voor de kunstenaar, die het onmogelijke in zijn werken probeert te vatten: hoog op een gebouw staat hij op een bibliotheekladder, kaarsrecht met de handen in de lucht terwijl hij een meetlat vasthoudt. Het werk is geïnspireerd op de film Birdman of Alcatraz (1962) van John Frankenheimer. Daarin speelt Burt Lancaster een gevangene in de zwaarbewaakte gevangenis op het eiland Alcatraz. Zijn enige contact met de buitenwereld is de dagelijkse wandeling op het pleintje tussen de hoge gevangenismuren, waar hij telkens omhoogkijkt naar de meeuwen. Wanneer hem bij zijn vrijlating wordt gevraagd wat zijn toekomstplannen zijn, antwoordt hij: ‘Ik ga de wolken meten.’ Continue reading “Uitgelicht | ‘De man die de wolken meet’ van Jan Fabre”

Uitgelicht | ‘The Aeromodeller (Zeppelin)’ van Panamarenko

De collectie van S.M.A.K. in woord en beeld

De ballon van The Aeromodeller van Panamarenko bestaat uit samengeplakte repen polyesterfilm, de gondel uit gevlochten palembang rotan. De zelfgemaakte, mahoniehouten, triplex schroeven worden aangedreven door vier Flymo-motoren die op een wendbaar onderstel rusten. Oorspronkelijk was het Panamarenko’s bedoeling in de gondel van de ballon te wonen. In die zin is The Aeromodeller nog het best te vergelijken met Panamarenko’s belangstelling voor ruimteschepen. “Het hoogste doel dat de mens zichzelf kan stellen”, zei hij ooit, “is een manier vinden om de aarde te verlaten”. Dit is geen escapisme. Uiteindelijk wordt de mens nergens zo met zichzelf geconfronteerd als in een ruimteschip: voor altijd op weg naar niets.

Panamarenko, Aeromodeller (Zeppelin), 1969 | 2700 x Ø 600; 200 x 600 x 300 cm | mixed media

Meer informatie

Uitgelicht | ‘Kranker Engel’ van Rui Chafes

De collectie van S.M.A.K. in woord en beeld

De Portugese kunstenaar Rui Chafes (Lissabon, 1966) realiseerde in 2001 voor S.M.A.K. het winterproject Kranker Engel: een boomsculptuur in het citadelpark en een reeks tekeningen uit de serie Fragmentos de Novalis in het museum.

Zelf zegt hij hierover:

‘Het kan elke boom zijn, in elk woud, in elk veld, want de sculptuur beweegt. Net zoals alle andere engelen heeft ook deze engel geen definitieve plaats. Het moet echter winter zijn, de boom moet zijn bladeren afgeschud hebben. Ik wil dat het hele bos, niet enkel de sculptuur, eruitziet als een spook. Op die manier wordt het hele park een sculptuur. ‘s Winters lijkt het hele bos bevroren, leeg, naakt; de kale bomen met hun bevroren, grijze takken gaan op mensen lijken, net zoals creaturen van Giacometti of Becket. Zich aftekenend tegen de lucht, alleen, als een spookverschijning in het winterse, bevroren bos, wordt de sculptuur een beeld van armoede, van een offer, van hulpeloze ellende. Een uitgemergelde figuur, met zware, zwarte tranen die neerdruppelen. Een zieke engel die zijn vleugels uitstrekt naar de lucht, vechtend tegen de zwarte gewichten die hem neerwaarts drukken.’

Rui Chafes, Kranker Engel, 2001, 26 x (14 x 14 x 60) cm, metaal, aluminium

Uitgelicht | ‘Blue lagoon’ van Peter Rogiers

De collectie van S.M.A.K. in woord en beeld

Peter Rogiers toont ons dat figuratieve beeldhouwkunst nog altijd tot een eigentijdse en vernieuwende beeldtaal kan leiden. Zijn hybride sculpturen hebben hun wortels in de underground cultuur, B-films, strips en cult comics, en ogen ironisch en speels. Rogiers’ beelden trachten in hun overhellende, verwrongen en levendige pose beweging vast te leggen. De palmboom en beweeglijke palmbladeren keren als exotische pointes in zijn werk terug. De vijf meter hoge, bronzen palmboom die in 2005 een plaats kreeg op de Grote Markt van Dendermonde verdeelt de stad nog steeds in twee kampen. De kritiek luidt dat het werk niet ‘typisch’ Dendermonds is en er geen maatschappelijk draagvlak voor bestaat. Rogiers’ beelden confronteren ons via kritische weerhaken met de realiteit van de ons omringende banaliteit, maar prikkelen dankzij hun avontuurlijke vorm vooral onze verbeelding.

Blue lagoon (2008) van Peter Rogiers is te zien in de collectiepresentatie Tomorrow Is The Question, in S.M.A.K. tot 26.02.2012

Uitgelicht | ‘The Spielmacher’ van Vincent Geyskens

De collectie van S.M.A.K. in woord en beeld

door Maya Lafere
 

Vincent Geyskens is een schilder die zich er van bewust is dat de schilderkunst een crisis kent. De schilderkunst bevindt zich in een moeilijke positie. Ze heeft haar functie verloren, schilderkunst was vroeger een medium dat grote historische gebeurtenissen verbeeldde, portretteerde. Maar met de komst van de fotografie en de nieuwe media is de schilderkunst minder belangrijk geworden. We leven in een consumptiemaatschappij en consumeren constant beelden, vooral via de televisie. Geyskens stelt zich de vraag welke  impact het construeren van een beeld nog kan hebben binnen zo’n maatschappij. Hij problematiseert de schilderkunst zelf dan ook in zijn beelden, maar ook onze manier van kijken. Continue reading “Uitgelicht | ‘The Spielmacher’ van Vincent Geyskens”

Uitgelicht | ‘Landscape’ van Oliver Lutz

De collectie van S.M.A.K. in woord en beeld

door Shuxian Lee

Throughout art history, artists have become increasingly aware of the tangible role of the viewer in the perception of a piece of work. The act of looking or the gaze has been tackled upon for centuries, from the brazen gaze of Manet’s Olympia (1863) that stares directly out towards the audience, to the portrayal of Cassatt’s woman holding opera glasses in a determined act of observation in At the Opera (1878 – 1879). In Landscape (2009), Oliver Lutz brings this act of voyeurism to a heightened level of awareness. Continue reading “Uitgelicht | ‘Landscape’ van Oliver Lutz”