‘Kronieken van een opening in S.M.A.K’ | Over paardenstaarten en zeegolven

S.M.A.K.-medewerker Leen ontvangt dagelijks de museumbezoekers en houdt een dagboek bij. Deze keer pende ze haar impressies neer van de opening in S.M.A.K. vorige week vrijdag

door Leen Goossens, juni 2014, Over paardenstaarten en zeegolven

Er staat een man te dansen op een glanzende witte sokkel van 25 cm breedte en minstens 120 cm boven de beenharde cafévloer.  Geen prille, jonge vriend van het museum (die staan allemaal voor de cocktailbar hun jetons te tellen) maar een stevige vijftiger. Er galmt iets van Triggerfinger door de boxen naast hem en ik zie het door zijn zenuwstelsel terug naar buiten komen. Groovy, zoals dat heet? Op de grond ligt een roerstaafje op een bedje van sigarettenpeuken te knuffelen met een gebroken Vedett (waarschijnlijk die volle 120cm naar beneden gedonderd, de sukkel). De maan staat hoog, en alle deuren wagenwijd open, maar het is midzomers warm in het museum. De inkomhal ziet zwart van toevallige voorbijgangers die op het geur van hedendaagse kunst afkomen, sympathisanten, vrienden van het museum, vrienden van de kunstenaar en vrienden van àlle (nieuwe) tentoonstellingen hier vandaag in de aanbieding. Een smeltkroes aan namen, van aimabel Nederland met de tenen in Curaçao naar Cuba langs Duitsland terug naar eigen frisse, jonge groene bodem.

Een dame komt op een stel bijzonder fraaie kuiten in een jeansbroek met slangenprint ritmisch op me afgewandeld. Haar heupen zwiepen ver over hun middelpunt heen en weer als concentrische cirkels die rondjes draaien en de realiteit doen vervagen. Haar oogleden trillen onder het gewicht van driedubbel gelaagde mascarawimpers als spinnenpoten zo lang. Hallo, zegt ze en zwiept haar glanzende paardenstaart uit haar hals. Ze wil me iets vragen, zoveel is duidelijk.  Ze wil een gunst, wisselgeld, een nier … of gratis jetons? Ik wacht nieuwsgierig op wat volgt. Maar dan begint ze te gillen en breekt mijn trommelvlies en zijn mijn oren stuk. Achter mij staat blijkbaar een andere bevallige jonkvrouw die van het verschieten  haar handtas laat vallen, pats op de plakkerige grond vol Vedett en knuffelige roerstaafjes. Ik dénk dat ze elkaar kennen – al kan de instant-tinnitus  op een achtergrond van ruisende zeegolven in mijn geïmplodeerde hoofd misschien voor verwarring zorgen.  Beide meisjes dansen als jonge springbokken tegen elkaar aan en zwiepen hun paardenstaart vrolijk in de ronde.

Dit soort frivoliteit, op asgrijze pumps onder een dikke gulp geactualiseerde Bade/Coming People/Wilfredo Prieto/S.M.A.K.-saus. Héérlijk! Hier kan geen voetbal trappende rondedans  aan tippen, this is where you should be. Vooral op onze openingsavonden maar vandaag is ook helemaal goed! See you here?

 

De Kronieken van een Museum | In donkergrijs verdriet

S.M.A.K.-medewerker Leen ontvangt dagelijks de museumbezoekers en houdt een dagboek bij. Deze keer pende ze haar impressies neer na het overlijden van Jan Hoet en de impact dat zijn heengaan had op de vele bezoekers.

door Leen Goossens, dinsdag 4 maart 2014, in donkergrijs verdriet

Voetjes schuifelen alsof het een trage volksdans is, over de donkere tegels van de museumvloer. Armen gezapig onder de oksels geplooid. Lichaamsgewicht dat sporadisch van links naar rechts herverdeeld wordt. Er is geen haast, er is alleen maar tijd. En veel geduld. Als water dat naar de zee vloeit, of euro’s naar de staatskas… ze komen er uiteindelijk allemaal. Een man met woestijnzand bruine Hercule Poirot-mantel  zit aan de kleine tafel van inox en draagt geluidloos zijn geschreven tekstje voor aan zichzelf (het is precies een hele boterham). De dames en heren netjes in de rij achter hem (ze zijn al met twintig, schat ik), geven geen zucht. Tijd zat. Voor de doden moet niet gehaast worden. De man staat op, neemt een gedenkprentje en knikt naar de grote foto op de tweede tafel. De slippen van zijn jas volgen hem gedwee het museum uit, een bezoek hoeft nu even niet.

JanHoet_blog

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De hele dag door, al vier dagen op rij is het aanschuiven, al worden de kassa’s dit keer volledig links gelaten. Iedereen komt iets persoonlijks in zijn oor fluisteren, een laatste anekdote het papier toevertrouwen, een stukje rijmen-en-dichten of gewoon een eerlijke, warme wens voor de familie neerpennen. Een blijk van medeleven, elke keer een extra drupje donkergrijs verdriet dat bijdraagt aan de donderwolk boven ons gedeukte kunstminnend, mensenminnend, S.M.A.K.-minnend en  bovenal Jan-minnend hart.

Goé, meiske! Ik hoor het ‘m zo zeggen wanneer ik met een bonzend hart en een ongetwijfeld knalrode kop terug neerzijg in mij ‘Van Severen- stoel’ achter de balie. Ik heb net een man, de leeftijd van mijn vader, aan de deur gezet. Hij liep rond met twee vellen van het rouwregister onder zijn arm, en wapperde een derde in mijn gezicht – waarop Mr G. Belcanto zo blijkt, in sierlijke hanenpoten iets had neergepend. Of hij dit hier aan de balie kon aankopen, vraagt de man. Met een nog nét aanvaardbare/klantvriendelijke sneer mijnentwege, legt hij verschrikt de pagina’s terug neer… een kopietje, misschien? Had ik naar mijn innerlijke zwartgelakte duiveltje geluisterd, ik had ‘m toen macramé-gewijs samen geplooid en in de vijver tussen de (gemene!) ganzen gegooid, met twee verse Aernoudt-broden in zijn broek gestouwd. Gelukkig heb ik een goede opvoeding genoten (en heb ik voor ganzendrek te mooie schoenen aan)  en geraakt de man er zodoende met de schrik vanaf. Hij staat op een wip terug buiten met een kop nog roder dan de mijne. Goed zo, meiske, kwebbelt er één in mijn hoofd.

Den Hoet zou trots zijn, ik ben er zeker van.

 

Kronieken van een museum | vrijdag 14 februari 2014 (dat liefde gulpt)

S.M.A.K.-medewerker Leen ontvangt dagelijks de museumbezoekers en houdt een dagboek bij. ‘Het leven zoals het is: het museum’!

door Leen Goossens

Er zijn de zwijmelaars en de zeurpieten, het gesakker en het gefleem..  Valentijn is enerzijds voor suckers of voor haters : laat ons daar meteen heel duidelijk over zijn, maar als praatjesmaker in het museum is het een ongelofelijk geschenk. Valentijn valt dit jaar op vrijdag, dus hoe fijn is het om niet zoals altijd naar een fijn weekend te moeten verwijzen aan het eind van bedankt-en-tot-ziens, maar naar deze Heuglijke Hoogdag der bonzende Harten. Toevalligerwijs heb ik vandaag een rode bloes aan. En lieve deugd, daar heb ik (Valentijn-eske) reacties op gekregen. En zoenen! van zoengrage zonderlingen, zomaar op de werkvloer. (het had een strip van Suske&Wiske kunnen zijn)
Mijn wangen zijn er nog wat beurs van, al is dat natuurlijk schaamteloos overdreven.

Eén van hen was een statig voornaam heerschap. Het type waarvan de eega in het ochtendgloren nog snel even extra dikke vouwen in zijn broekspijpen perst. Door de dikke regendruppels op zijn brilglazen Continue reading “Kronieken van een museum | vrijdag 14 februari 2014 (dat liefde gulpt)”

Kronieken van een museum | vrijdag 22 november 2013

S.M.A.K.-medewerker Leen ontvangt dagelijks de museumbezoekers. Ze hield al een tijdje een dagboek bij, en dat willen we vanaf nu met jullie delen. ‘Het leven zoals het is: het museum’! We starten met een pilot, nog daterend van een herfstige novemberdag tijdens de 6-daagse van Gent.

door Leen Goossens

Zwarte met witte spikkels, een dikke rode uit fleece met een geborduurde Mickey in kerstsfeer, een mosgroen merino exemplaar met van die kleine kwastjes… Het seizoen is geopend! Als was het een speciale bijlage in de 3SUISSES-cataloog, mijn ogen dansen van de ene sjaal naar de andere. Een inkomhal vol. Er is net een bus studenten uit Brussel geland en de vestiaire parelt een beetje van het zweet bij het geborgen houden van al dat winters textiel. De studenten druppelen naar de balie en ruilen euromunten voor toegangstickets. Buiten blaast een ijzige wind de herfstbladeren opnieuw de hoogte in, alsof de kruinen van de overhangende beukenbomen ze terug zouden opvangen. Helder vermiljoen zijn ze, en de kleur van kruidnagel. Soms wat meer oranje als de schil van een vergeten mandarijntje in de fruitschaal of toscaans acajou als glooiende heuvels in Umbrië, als de zon er onder gaat. Het is een pianospel van kleuren, zo mooi.

Er waait nog een koppel uit Oostende binnen (die eigenlijk Continue reading “Kronieken van een museum | vrijdag 22 november 2013”