Performance ‘Romeu My Deer’ door Romeu Runa

In het kader van de tentoonstelling ‘Berlinde De Bruyckere. Sculptures & Drawings. 2000 – 2014’ bracht de Portugese danser Romeu Runa (°1978, Cova de Piedade) afgelopen weekend in S.M.A.K. de bijzonder intense performance ‘Romeu My Deer’. Sinds de Bruyckeres ontmoeting met de Gentse choreograaf Alain Platel speelt dans een belangrijke rol in haar oeuvre. Platel bracht de kunstenaar in contact met Runa. Ze vertaalde zijn gespierde lichaam in een reeks tekeningen en sculpturen van verwrongen, muterende figuren met geweien, waarvan de titel – ‘Romeu My Deer’ – verwijst naar de naam van de danser. Runa liet zich van zijn kant inspireren door het werk van De Bruyckere en creëerde een performance die tot nu enkel in Londen in 2012 was te zien bij de voorstelling van de publicatie ‘Romeu My Deer’.

door Annelies Vantyghem

romeu my deer - performance - foto Nele De Roo
(c) Foto Nele De Roo

“Uit Actaeons met water besprenkelde hoofd ontsproot een levensgroot gewei. Hij kreeg ook de nek van een hert, puntige oren en zijn armen en benen veranderden in poten. Hij werd een hert.” *

Met lichte tred betreedt Romeu Runa ontspannen maar geconcentreerd de museumzaal. Onbewogen ontkleedt hij zich om vervolgens onverstoorbaar zijn tijd te nemen om zich voor de performance op te laden. Zijn blik focust op De Bruyckeres geweisculpturen die neerwaarts aan de muur hangen. Als vanzelf verstilt het publiek bij de aanblik van de danser die geleidelijk in trance verdiept raakt. Runas hoofd pompt zich vol bloed tot het verzadigd rood aanloopt. Langzaam komt zijn pezige, krachtige lichaam in beweging. De twee delen van het wassen gewei worden van de muur afgehaakt. Wanneer Runa ze voor zijn gezicht houdt alsof de geweien uit zijn oogholten groeien, wordt hun vlezigheid één met de huid van de danser. Voor onze ogen doet Runa in naadloos ineenvloeiende fases een onwaarschijnlijk waar fabeldier ontstaan, opstaan en vergaan. Het akelig holle geschreeuw en het eindbeeld van de borstkas die in een steeds trager ritme opbolt en ineenzakt, zinderen nog na.

* Fragment uit ‘Diana en Actaeon’, een Metamorfose van Ovidius, waarin Diana, godin van de jacht, jager Actaeon ter bestraffing in een hert verandert, nadat hij haar ongewild naakt had zien baden.

De performance ‘Romeu My Deer’ wordt herhaald op 10 en 11 januari 2015.
Telkens om 19:00. Duurtijd: 35 min. Max. 100 personen per avond.
Prijs: 20 euro / Reductietarief Vrienden v/h S.M.A.K. of lerarenkaart: 15 euro.
Inschrijven? Stuur een mail naar leen@smak.be, vermeld de datum en met hoeveel personen je komt. Nadien krijg je alle details om je plaats te garanderen.
De tentoonstelling ‘Berlinde De Bruyckere. Sculptures & Drawings. 2000 – 2014’ loopt nog tot 15.02.2015.

Collectieonderzoek III: Kunst in Europa na ’68 – Barry Flanagan

‘Untitled (Sculpture)’ van Barry Flanagan maakte deel uit van de in 1980 door Jan Hoet opgezette tentoonstelling ‘Kunst in Europa na ’68’. Deze monumentale stalen sculptuur werd in het kader van genoemde tentoonstelling gerealiseerd in nauwe samenwerking met de Gentse staalfabriek Sidmar. In de huidige museale presentatie van het collectieonderzoek rond ‘Kunst in Europa na ’68’ is dit werk niet opgesteld. Tijdens de tentoonstelling in 1980 werd de sculptuur geïnstalleerd op het Sint-Pietersplein, voor de ingang van de abdij. Sinds april 2005 staat ze opgesteld aan Dok Zuid ter hoogte van de Dampoortbrug, in afwachting van een nieuwe locatie in de publieke ruimte.

Untitled (Sculpture) (1980), verwerving 1980

door Annelies Vantyghem

blanchka_120615160529_0001_sculpture
Barry Flanagan, Untitled (Sculpture) (1980)

Barry Flanagan (°1941 Prestatyn (GB) – +2009 Ibiza) ontwikkelt kunst vanuit wat hij concreet ervaart en houdt zich ver van theorieën en esthetisch-ideologische kwesties. Intuïtie bepaalt sterk zijn werk. De visuele eigenschappen van een materiaal bezitten, volgens hem, op zich voldoende kracht om zonder extra ideeën een interessant beeld te kunnen vormen. Elk materiaal heeft sculpturale capaciteiten. Het is aan de kunstenaar om ze voor zijn publiek zichtbaar te maken.

Flanagan vertrekt vaak van elementaire vormen. Voor ‘Untitled (Sculpture)’ werden een spiraal en een driehoek in een monumentale staalplaat van drie op zeven meter gesneden en vervolgens uit de plaat getrokken. Met deze sculptuur verkent Flanagan de spanningsvelden tussen twee- en driedimensionaliteit, tussen stabiel en instabiel, en tussen hard en zacht. Uit een plat stuk staal werd een ruimtelijk beeld ontwikkeld. De plaat kan zelfstandig rechtop staan, wat voor een plat vlak normaal gezien onmogelijk is. De kunstenaar relativeerde de stugheid van metaal door in de plaat te ‘knippen’ en ze te ‘vouwen’ als een blad papier.

Ander werk van Barry Flanagan in de S.M.A.K.-collectie:
* ‘Light on Light on Sacks’ (1969), verwerving 1978

Collectieonderzoek III: Kunst in Europa na ’68 – Anne & Patrick Poirier

‘La colonne pour la Villa Adriana’ van het kunstenaarsduo Anne & Patrick Poirier was te zien tijdens de in 1980 door Jan Hoet opgezette tentoonstelling ‘Kunst in Europa na ’68’. In de huidige museale presentatie van het collectieonderzoek rond deze cruciale tentoonstelling in de geschiedenis van S.M.A.K. is het werk wegens zijn omvang niet opgesteld. Om deze reden zetten we het kunstwerk hier even extra in de kijker.

La colonne pour la Villa Adriana (1979), verwerving 1979

door Annelies Vantyghem

KiE_Piorier
Anne & Patrick Poirier, La colonne pour la Villa Adriana (1979)

Sinds hun samenwerking in 1970 creëren Anne (°1941, Nantes) & Patrick (°1942, Marseille) Poirier installaties die verwijzen naar vergane culturen en beschavingen. Vanuit een grote belangstelling voor de antieke wereld maken ze ogenschijnlijk wetenschappelijk verantwoorde schaalmodellen en artistieke reconstructies van archeologische vindplaatsen. Afwisselend benaderen ze de site als geheel of focussen ze zich op een welbepaald object of deel ervan. Installaties met nagemaakte brokstukken van klassieke gebouwen en beelden, soms louter gebaseerd op literaire, fictieve bronnen of antieke mythen, zijn het resultaat.

In 1977-‘78 bezochten Anne & Patrick Poirier de Villa Adriana, het in Tivoli bij Rome gelegen zomerverblijf van keizer Hadrianus. Hadrianus was Romeins keizer van 117 tot 138. Hij was bekend voor idealistisch-utopische vernieuwing op gebied van architectuur. Tijdens hun verblijf in Tivoli deden Anne en Patrick Poirier historisch onderzoek. Tegelijk verkenden ze hun eigen utopieën en inventies op artistiek vlak.

Gefascineerd door de ruïnes van de site ‘reconstrueerden’ ze het verleden en ‘herschiepen’ ze met ‘La colonne pour la Villa Adriana’ een restant van de villa in de vorm van een installatie: een enorme, in trommels uiteengevallen zuil. Puur vormelijk en los van elke anekdotiek evoceert dit werk als een soort prototype de oneindige mogelijkheden van creatie. Het artistieke universum van de Poiriers is een mythische wereld, waarin rationaliteit, harmonie en evenwicht worden benadrukt en verheerlijkt, alsof er niets anders bestaat dan perfecte vormen binnen een ideale wereld.

Tot vandaag is dit het enige werk van Anne & Patrick Poirier in de S.M.A.K.-collectie.