Presentie en presentatie (2) – Tussen fragiele schuchterheid en existentiële affirmatie

In het eerste deel van deze trilogie bracht Martin Desloovere een algemene schets over het belang van theatraliteit bij het werk van Berlinde De Bruyckere. Dit tweede luik neemt een eerste concreet voorbeeld onder de loep: de sculptuur ‘Hanne’ (2003).

Berlinde-De-Bruyckere_Hanne
Hanne (2003) (c) Mirjam Devriendt

Wanneer we een verduisterde zaal op de overloop van de bovenverdieping van S.M.A.K. binnenstappen, verschijnt plots tegen de achterwand, in het zachte, diffuse licht van een spot, de sculptuur ‘Hanne’. Ze staat op een schapje dat tegen de muur is bevestigd op ongeveer anderhalve meter hoogte, met de schouders een beetje opgetrokken en een wat gekromde rug, met een knik in de knieën en haar rechterzij tegen de muur aan.

De schuwheid van haar houding wordt versterkt door het lange haar dat ze voorlangs in haar armen houdt en dat tot helemaal onder haar knieën reikt. Gezicht en voorkant van het lichaam blijven verborgen. De kleur van de huid oogt overwegend vaalgrijs. Bij een eerste confrontatie openbaart deze figuur zich in haar breekbare naaktheid als ietwat ziekelijk en uitermate schuchter. Het lijkt wel alsof ze ‘in’ de muur zou willen kruipen, weg van de lege duisternis om haar heen, weg van de indringende blikken van de passanten.

Maar als we iets langer in de nabijheid van ‘Hanne’ vertoeven, wordt deze eerste en aangrijpende indruk, waarbij fragiliteit en eenzaamheid overheersen, mede verhevigd door de enscenering op het schap en in het warme spotlicht, gecounterd: ‘Hanne’ stààt er uiteindelijk wel. Ze verdwijnt ‘niet’ in of door de muur. Ze kan misschien zelfs, vanuit haar hogere positie en door spleetjes in het ‘haargordijn’ heen, op de bezoekers néérkijken. Ze bevindt zich daarboven in elk geval ook verheven boven het ‘aardse gedoe’ onder haar, in een sterke, existentiële affirmatie.

Presentie en presentatie (1) – Over Berlinde De Bruyckere en theatraliteit

Naar aanleiding van de S.M.A.K.-tentoonstelling ‘Berlinde De Bruyckere. Sculptures & Drawings 2000-2014’ belicht Martin Desloovere theatrale aspecten van de kunstenaars werken en de manier waarop ze haar oeuvre in scène zet. In dit eerste deel wordt een algemeen kader geschetst waarbinnen in twee volgende delen telkens op één sculptuur zal worden gefocust. Wordt dus vervolgd!

2005-2006,-J.L._lowres (c) Mirjam Devriendt
coverfoto monografie Berlinde De Bruyckere (c) Mirjam Devriendt

Laten we ons dit even voorstellen: in een theaterruimte is het helemaal donker, zowel het publieksgedeelte als het podium. Plots floept boven een personage een felle ‘lichtdouche’ aan: een eenvoudige ingreep, die echter met een behoorlijke dramatische kracht al veel over dat personage kan onthullen… Niet voor niets wordt de ‘openbaring’ of ‘verschijning’ beschouwd als één van de centrale elementen van theatraliteit (de term wordt hier gebruikt in essentie, dus los van connotaties als “bombastisch” of ”overdreven”). Deze eerste indruk van het personage wordt mee bepaald door hoe hij of zij is aangekleed, door welke eigenschappen kunnen worden afgeleid uit gelaatsuitdrukking, houding, eventuele eerste woorden, enz.

De mensenbeelden van Berlinde De Bruyckere spreken uiteraard niet, althans niet met gewone woorden, maar ze zeggen misschien net daarom des te meer. Continue reading “Presentie en presentatie (1) – Over Berlinde De Bruyckere en theatraliteit”

Eén tegen allen – performance ‘Romeu My Deer’

Het enthousiasme voor de tentoonstelling rond Berlinde De Bruyckere in S.M.A.K. kent nog niet meteen een einde. Zowel vorige zaterdag- als zondagavond kwamen telkens ruim honderd toeschouwers af op de performance door danser Romeu Runa. Runa stond model voor een reeks tekeningen en sculpturen van de kunstenaar waarvan de titel – ‘Romeu My Deer’ – verwijst naar de naam van de danser. Voor de gelijknamige performance wisselden de rollen en inspireerde de danser zich op De Bruyckeres werk. Dankzij Romeu kwamen de beelden van Berlinde tot leven in een beklijvende en akelige voorstelling. Emma Volckaert nam poolshoogte voor ons.

romeo-runa_web
Romeu Runa performt ‘Romeu My Deer’

Nog nooit was ik buiten adem na een performance. Nog nooit vereiste staan en kijken zo’n inspanning.

Na een relatief lange stilte waarbij het honderdkoppige publiek al wat zenuwen begint te vertonen, komt een lijf moeizaam in beweging. Het luid kreunende wezen vertoont sterke gelijkenissen met een verwrongen lichaam uit de zaal ernaast. Ondanks de opgespannen spiermassa, heb ik er weinig vertrouwen in dat de danser op eigen benen en gewei zal kunnen blijven staan. Ik ben enigszins verrast door de ondersteunende functie die het gewei in eerste instantie biedt. Volgens de bekendste internetencyclopedie dient een gewei namelijk “als wapen en om seksuele concurrenten te intimideren”. Ik zie eerder een menselijk lichaam in conflict met zijn wapen. Het steunt erop maar sleurt het ook als een last met zich mee. De geluiden, geproduceerd door de wrijving van gewei en grond, zijn niet veel aangenamer dan die van nagels die over een krijtbord krassen. Ik ben duidelijk niet de enige met een rilling over de rug en een ‘unheimlich’ gevoel.

Pas in tweede instantie voldoet het gewei aan zijn voorgeschreven functie. De danser gooit het rond zich heen en intimideert de massa en mijzelf. Brokstukken vliegen in het rond terwijl het beest zich van ontevreden geschreeuw ontdoet. Geluid en beeld vullen de zaal. Het is een gevecht van Continue reading “Eén tegen allen – performance ‘Romeu My Deer’”

Troostend gekrabbel aan de krassen op mijn ziel

Sinds kort biedt S.M.A.K. een nieuw publieksformat aan: ‘Art to Body & Mind’, een intense interactieve workshop die je tentoonstellingen sterker vanuit je buik doet beleven en je vanuit je persoonlijke blik tot spreken brengt. Een filosoof, een lichaamstherapeute en een kunsthistorica geven de voorzet maar laten de dingen vooral gebeuren. Kort voor eindejaar nam Arjan Sohier deel. Hier lees je zijn verslag.

ATB&M_beeld-web

Na afloop was ik blij dat ik geweest was. Zelfs opgelucht. Wat een overweldigende tentoonstelling.

Ik had niet veel zin om naar Berlinde De Bruyckere in S.M.A.K. te gaan. Op vakantie in Londen had ik ooit een kleine tentoonstelling rond haar werk meegepikt. Op vakantie pik ik altijd iets mee. Zo gaat dat. Maar die droevige, zo zwaarmoedige beelden: dode paarden, bleke mensachtige beelden uit was… Dit was wel mijn vakantie hè. Snel snel ging ik van zaal naar zaal om net op tijd met een Ricard op het terras van het museum in het zonnetje te gaan zitten. Gelukkig bleef de kunst niet teveel hangen. Het was ook veel te mooi weer om binnen te blijven. En wie kon het weten, maar misschien zou het morgen wel regenen. In Engeland moet je van iedere straal zon genieten.

Bij Berlinde De Bruyckere weet je dat ze krassen op je ziel naar boven brengt. Maar ik ben niet zo’n krabber aan de krassen op mijn ziel. De kranten schreven dat de tentoonstelling ‘troost’ biedt. Wat heb je daaraan? Ik heb geen troost nodig. Als ik niet aan pijnlijke dingen denk, dan zijn ze er niet. Weg. Fwiep! Voor mij is troost een beetje als spijt. En ik zeg vaak: ‘Spijt is wat de koe schijt’. Daarmee is de kous af.

Natuurlijk is dit niet echt zo. Die krassen op mijn ziel zijn mijn dierbaarste bezit. Al wil ik wel zoveel mogelijk zelf kiezen op welk moment ik ze voel. Mijn krassen vragen een bijzondere benadering.

De uitnodiging die ik een tijdje geleden van S.M.A.K. kreeg was iets bijzonders. Continue reading “Troostend gekrabbel aan de krassen op mijn ziel”